Aflevering 3: Pseudocide

De DRK Suchdienst

Na de tweede wereldoorlog wachtten in Duitsland (en in andere landen) velen op de terugkeer van hun man, zoon, vader of grootvader. Velen waren in krijgsdienst gegaan, maar keerden vooralsnog niet terug. De chaos in Duitsland was groot, het land was verwoest, informatie over vermiste soldaten was er nauwelijks, de stroom vluchtelingen was immens. Al snel ontstond vlak na de oorlog een behoefte om de wachtende familie of vrienden en de terugkerende soldaten met elkaar in contact te brengen. In de eerste maanden hingen mensen op stations briefjes op, bij wijze van ‘advertentie’.

Om dat in goede banen te leiden, begon Het Duitse Rode Kruis (DRK) een zoekdienst. Over de geschiedenis van de DRK-Suchdienst is (in Duits) meer te lezen op de site van de (nog steeds bestaande) Suchdienst [1].

Ook de Duitse opa van Rick (zie foto hiernaast) kwam niet levend uit de oorlog tevoorschijn. Hij, Georg, was in de oorlogsjaren een militair in een reserve-fietseskader. Na de oorlog ging het leven van zijn vrouw en vier kinderen verder, maar van Georg geen spoor. De Suchdienst kon geen hulp bieden.

Geruchten

Rick werd goed 20 jaar later geboren, en vanaf een zeker moment in de jaren zeventig hoorde hij geruchten dat opa niet dood zou zijn, maar een tweede leven was begonnen. Een van de familievrienden, Roger, zou de zoon van Georg zijn. Een halfbroer van Ricks vader dus.

Dat mannen na de oorlog een nieuw leven begonnen, was niet heel vreemd. Sommige ex-soldaten schaamden zich voor hun deelname aan de nazi-oorlogsmachine, anderen waren ontevreden met hun bestaande leven van voor de oorlog, of hadden schulden. Dat was toen voor mensen een reden om hun eigen dood in scene te zetten, maar ook nu komt het voor dat mensen ‘uit het leven stappen’ en elders verder leven. Het merendeel van die nepdoden zijn overigens mannen: vrouwen zijn verreweg in de minderheid.

De eigen dood in scene zetten: doing a reggie perrin

Om een succesvolle nepdood, ook wel pseudocide genoemd, te kunnen realiseren, moet je eerst verdwijnen. Sommige mannen deden dat door hun kleren op het strand achter te laten, zodat mensen zouden denken: hij is het water ingelopen en verdronken. Ook een bekende manier: het vervoermiddel vernield en leeg achterlaten (zoals een auto of een gecrasht vliegtuig waaruit de nepdode-in-spe is gesprongen). Bekende nepdoders zijn John Darwin (die met zijn kano de zee opging en dood leek te zijn), Lord Lucan en de Lord Timothy Dexter [2] [3]. Ook bekende artiesten zouden hun eigen dood in scene hebben gezet [4]. Was Paul McCartney een daarvan? En Michael Jackson? Of Elvis Presley? Overigens bestaat in het Engels de uitdrukking doing a reggie perrin: verdwijnen onder de illusie dat je dood bent.

Wil je de boel flessen, dan zijn voorbereiding en vervolgstappen zeer belangrijk: je moet je identiteit veranderen, geld hebben, alle contact met je oude leven verbreken, niet over je vorige leven praten. Mensen, mannen, hebben meerdere redenen om hun eigen dood in scene te zetten: het innen van een levensverzekering, om schulden niet af te betalen, om celstraf te ontlopen, om een nieuwe relatie te beginnen, om te zien of ze nog geliefd zijn (zie bijvoorbeeld de aflevering The One with the Memorial Service van de serie Friends). [5]

De professionele aanpak

In het boek Playing Dead van Elizabeth Greenwood [6] bespreekt de auteur de verschillende aspecten waar je op moet letten als je pseudocide wilt plegen en ook enkele gevallen van fake deaths. We horen weinig van geslaagde pseudocides (misschien wel logisch, want een nepdode maakt zich niet bekend). Slagen kan wel, maar je moet het goed plannen. Wat helpt: het is mogelijk om in de Filipijnen tegen betaling een nep overlijdenscertificaat aan te schaffen. [7] [8]

En opa?

Nog steeds nieuwsgierig naar het lot van zijn opa heeft Rick begin 21e eeuw een zoekopdracht geplaatst bij de Suchdienst. Het antwoord van de Dienst was helder: Opa is ‘verschollen’, vermist. Dat kan dood zijn, maar hoeft niet. Feit is wel dat als opa nog had geleefd, dat hij nu 106 jaar oud zou zijn. En dat betekent voor velen van ons het einde.

 

Literatuur

[1] https://www.drk-suchdienst.de/informationen-und-hintergruende/geschichte-des-drk-suchdienstes/
[2] https://listverse.com/2019/06/24/10-people-who-faked-their-own-death/
[3] https://www.atlasobscura.com/articles/pseudocides-five-faked-deaths-that-will-long-be-remembered
[4] https://www.grunge.com/26814/10-celebrities-might-faked-deaths/
[5] https://www.acfe.com/fraud-examiner.aspx?id=4294994951
[6] Playing dead; A Journey Through the World of Death Fraud / Elizabeth Greenwood. – New York: Simon & Schuster, 2016. – 272 p.

[7] https://www.psychologytoday.com/us/blog/shadow-boxing/201704/pseudocide-the-art-faking-your-death
[9] https://www.vice.com/en_us/article/7bmv7a/a-handy-guide-to-faking-your-own-death

Meer lezen?

https://www.researchgate.net/publicatio/286383772_Pseudocide_A_Case_Report
https://www.abc.net.au/news/2019-10-28/how-do-you-fake-your-own-death/11635836
https://www.abc.net.au/news/2018-06-01/arkady-babchenko-reveals-using-pig-blood-to-fake-his-death/9822872
https://en.wikipedia.org/wiki/Faked_death
https://www.gizmodo.com.au/2018/10/the-psychology-of-faking-your-own-death/

Aflevering 2: Geeltjes

Een jongen op een rondvaartboot. De vestingwerken van zijn geboortestad Zwolle en de romantiek van haar middeleeuwse geschiedenis. Een verhaal over bakstenen, stadsmuren, steenfabrieken en klei.

Van die klei maakt men het IJsselsteentje, oftewel het ‘geeltje’, dat al snel de wereld verovert door te dienen als ballast van 17e eeuwse zeilschepen en, op de plek van aankomst, als bouwmateriaal van de handelskolonist.

Late middeleeuwen

Toen in de late middeleeuwen de steden in Nederland flink groeiden, door met name de handel en nijverheid, werd ook de veiligheid van de inwoners van steeds groter belang. Dat gold ook voor de stad zelf, die in die tijd gebouwd was van hout en die niet zelden geheel afbrandde als ergens een vuurtje niet op tijd werd geblust. Maar dat gold zeker dus ook voor de inwoners van de stad, die regelmatig hun leven niet zeker waren als huursoldaten of rovers de stad belegerden.

In de loop van de 14e en 15e eeuw begon men daarom met het bouwen van huizen van steen. De brandgevaarlijkheid nam daarmee enorm af. De stenen die voor de huizenbouw gebruikt werden, moesten wel zelf gemaakt worden. Het ontbeert Nederland aan bergen, rotsen en bijbehorend natuursteen. Wij zijn hier uit de klei getrokken! Door die klei in mallen te proppen, te laten drogen en vervolgens te bakken in steenovens, konden bakstenen worden gemaakt die men als lego-steentjes op elkaar kon stapelen. Omdat in elke rivier in Nederland klei te vinden is, is dan ook aan elke rivier wel een steenfabriek te vinden. Voor wie meer willen lezen over de geschiedenis van de baksteen, is Biografie van de baksteen een aanrader. Hoewel dit boek van Ronald Stenvert vooral over de baksteen van de moderne tijd gaat (1850 tot heden) geeft het boek wel degelijk een inzicht in de geschiedenis van ervan. Op deze site (1) kun je de PDF van het boek downloaden.

Zwolle

Met bakstenen werden niet alleen huizen en kastelen gebouwd. De veiligheid van de inwoners werd vergroot toen in de late middeleeuwen veel steden zich gingen wapenen tegen rovers en soldaten. Menige stad in Nederland wierp wallen op, en op die wallen werden stadsmuren gebouwd. Ook in Zwolle, dat sinds 1230 stadsrechten had, werden zulke muren van baksteen opgetrokken. Op de kaart van Zwolle (2) is de oorspronkelijke muur te zien met torens en poorten. Ook in de podcast genoemde herbouwde muur uit de 20e eeuw is op die kaart te zien, tussen de nummers 35 en 36 (respectievelijk Pelsertoren en Diezerpoort).  Over de geschiedenis van Zwolle, die wat betreft de bouw van de vestingwerken te vergelijken is met andere steden, is meer te lezen in Geschiedenis van Zwolle van Jan ten Hove (3).

Adriaen Anthonisz.

Een van de vestingbouwers, die ook in Zwolle aan de slag ging, was Adriaen Anthonisz. Hij werkte  op wiskundige grondslag zijn ideeën van fortificatie uit en steden als Amsterdam, Alkmaar, Muiden/Naarden, Utrecht en Zwolle werden aan de hand van zijn berekeningen fortificaties doorgevoerd. Hij was verder burgemeester van Alkmaar en had de eretitel ‘Stercktebouwmeester der Vereenighde Nederlanden’ en was benoemd tot ‘Mathemathicus van Oranje’. (4)

De bakstenen die men in Zwolle en andere Hanzesteden gebruikte, werden gebakken van rivierklei en hadden, anders dan het geeltje, een rode kleur. In het westen van ons land werden ook stenen gebakken. Deze stenen hadden echter wel de bekende gele kleur. Dat had te maken met het hogere kalkgehalte in de westerse klei. Ook de grootte van de stenen was anders. De westerse geeltjes waren kleiner dan de stenen in het oosten en noorden van het land. Lees meer over de geschiedenis van de zogeheten steenplaatsen en geeltjes op goudeneeuwrivier.nl. (5)

 

Bibliografie
1. https://www.cultureelerfgoed.nl/publicaties/publicaties/2012/01/01/de-biografie-van-de-baksteen
2. https://nl.wikipedia.org/wiki/Stadsmuur_(Zwolle)
3. Geschiedenis van Zwolle /  Jan ten Hove. – Zwolle/Kampen: Historisch Centrum Overijssel/IJsselacademie/Waanders Uitgevers, 2005 – 688 pp.
4. https://nl.wikipedia.org/wiki/Adriaen_Anthonisz
5. https://www.goudeneeuwrivier.nl/erfgoed-cultuurhistorie/1572-1672-steenplaatsen-in-de-gouden-eeuw